...dan pakt uw campingvakantie goed uit!

De kathedraal van Tarragona

Tarragona is eeuwenlang (714-1148) bezet geweest door de Moren.

Toen in 1220 de stad door Raymond Berenguer IV, graaf van Barcelona, werd heroverd, was ze nagenoeg ontvolkt. Bij de wederopbouw van de stad hielpen veel Normandiërs, die er ook zijn blijven wonen. In deze tijd werd het aartsbisdom Tarragona hersteld, wat leidde tot de bouw van de kathedraal.

De kathedraal werd gebouwd op de resten van een Romeinse tempel. In de refter, dit is de zaal links voordat men in de kloostergang komt, is nog een stuk originele Romeinse muur. Ook de muur met het grote raam in de museumzaal I (de oude slaapzaal van de kanunniken), is nog van Romeinse oorsprong.

Aan de kathedraal werd gebouwd van eind 12e tot begin 14e eeuw, vandaar dat men verschillende bouwstijlen kan onderscheiden. De drie koorabsiden zijn Romaans en vormen het oudste gedeelte van de kathedraal. Uit angst voor de Moren, die pas in 1212 definitief verslagen werden, kreeg de hoofdabsis van buiten de vorm van een vesting.

De hoofdgevel heeft in de zijportieken nog Romaanse vensters en portalen. Boven het rechter portaal is nog een Romeinse sarcofaag uit de 4e eeuw ingemetseld. De hoofdingang met de onafgemaakte dakpartij, is gotisch.

Het timpaan beeldt het laatste oordeel uit, in het midden de Christusfiguur als rechter, geflankeerd door engelen. Met daaronder, niet zoals gebruikelijk, rechts de uitverkorenen en links van hem de verdoemden, maar in dit geval ziet men over de gehele breedte van het timpaan uit twaalf graftomben de verrijzenis van de uitverkorenen, symbool voor de twaalf stammen van Israël. Daaronder zijn de verdoemden afgebeeld, die door duivels naar de muil van een monster, symbool voor de hel, gesleept worden.

Ook de kloosterhof geeft een mengeling van stijlen te zien. De bogen tussen de hoofdpeilers van de galerij zijn gotisch, de ruimte ertussen is weer opgevuld met drie Romaanse bogen op dubbele marmeren pilaren, daarboven twee ronde vensters, opgevuld met Mozarabisch maaswerk. De kapitelen van de pilaren zijn versierd met bijbelse, legendarische, mythologische en bloemmotieven.

Op een van de kapitelen tegenover de sacristie, is uitgebeeld de 'processie van de ratten', een uitbeelding van het sprookje van de kat die net deed of hij dood was, maar toen de ratten hem meenamen om hem te begraven sprong hij van zijn sterfbed op en veroorzaakte een ware slachting onder de ratten.

Het retabel van het hoofdaltaar stamt uit de eerste helft van de 15e eeuw. Het onderste gedeelte, dat gemaakt is van kalksteen uit plaatselijke steengroeven, bestaat uit een voetstuk, geornamenteerd met engelen en wapenschilden van de bisschoppen.

Daarboven een zestal hoogreliëfs, met afbeeldingen met betrekking tot de H. Thecla. De heilige Thecla was een vrouw uit Armenië, zij leefde in de eerste eeuw n. Chr. en zou door de apostel Paulus tot het christendom bekeerd zijn. Volgens de overlevering is zij omwille van haar geloof verschillende keren gemarteld en steeds op wonderbare wijze gered.
- Het eerste paneel (links) is een voorstelling van de prediking door de H. Paulus;
- het tweede is een afbeelding van H. Thecla op de brandstapel;
- het derde de H. Thecla in de leeuwenkuil;
- dan volgen een vijftal beelden, voorstellende in het midden de rustende Christus, geflankeerd door de H. Maria, St. Jan, Nicodemus en Josef van Arimatea, alles uitgevoerd in gepolychromeerd albast.
- het vierde de H. Thecla in een vijver met giftige slangen;
- op het vijfde paneel wordt de H. Thecla achter een stel wilde stieren gebonden;
- het zesde en laatste paneel is een voorstelling van de inontvangstname, door de bisschop, de clerus en de bevolking van Tarragona, van de relikwie (een arm van de H. Tecla), die door de koning van Armenië geschonken was.

Verder naar boven, in het midden madonna met kind uit albast, uiterst links H. Thecla en rechts de H. Paulus; beide beelden in hout.
Tussen deze beelden nog een twaalftal reliëfs met voorstellingen uit het leven van Christus en Maria, uitgevoerd in gepolychromeerd albast, aan de bovenkant afgewerkt met baldakijntjes en pinakeltjes van verguld hout.

Rechts naast het hoofdaltaar de wit marmeren graftombe van Juan van Aragón (de zoon van Jaime II van Aragón), die met zijn 17 jaar aartsbisschop van Toledo werd en 11 jaar later van Tarragona. In 1331 werd door hem de kathedraal ingewijd. Hij stierf in 1334, 33 jaar oud.

In tegenstelling tot de meeste middeleeuwse kunst, heeft de onbekende beeldhouwer het gelaat van de bisschop een persoonlijke uitdrukking gegeven. Hij wordt omringd door aan zijn voeteneind de H. Tecla, vervolgens drie heilige familieleden: de H. Isabella (koningin van Hongarije), Lodewijk de Heilige (koning van Frankrijk), H. Lodewijk bisschop van Tolosa) en tenslotte aan zijn hoofdeinde de H. Fructuoso (de eerste bisschop en martelaar van Tarragona).

Boven het graf is een nis waarin vroeger de relikwie van H. Thecla bewaard werd, voordat zij een eigen kapel in de kathedraal kreeg.

Het Diocesaan Museum is ondergebracht in de oude slaapzaal van de monniken, de kapittelzaal en de sacristie en heeft een uitgebreide verzameling altaarstukken, grafstenen, beeldhouwwerken en mozaïeken.

In de kathedraal zelf hangen verder nog een groot aantal Vlaamse gobelins uit de 16e en 17e eeuw.