
Het eerste wat u van Corte ziet is natuurlijk de Citadel die hoog als een arendsnest boven de stad uittorent. Reeds in de 9e eeuw was die rotspunt versterkt, maar in 1419 liet Vincentello d'Istria het middendeel van de versterking, de donjon, bouwen. Die kan men met een trap van 166 marmeren treden bereiken. Later hebben allerlei Franse koningen de citadel verder ommuurd en tot 1962 deed hij dienst als onderkomen voor het vreemdelingenlegioen.
Via een trap komt u aan de citadel. Hier kunt u in eerste instantie de citadel bezoeken, maar ook genieten van het schitterende panorama dat te zien is vanaf het hoogste punt.
Weer beneden kunt u een bezoek brengen aan het splinternieuwe museum Musée de la Corse.
Het museum werd pas in juni 1997 geopend. Het werd ondergebracht in de vroegere kazerne Serrurier, die volledig gerenoveerd werd door de Italiaanse architect Andrea Bruno. De collectie werd opgebouwd rond een aantal voorwerpen, verzameld door een priester, een zekere Louis Doazan.
Een aantal thema's vormt de ruggengraat van dit museum en geeft ons een beeld van het echte leven in Corsica, vroeger en nu: de ontdekking van het eiland, het verleden, de ambachten, de herders, de industrie, de handelsgeest, de ontwikkeling van de techniek, het godsdienstig leven, het toerisme.
Al deze zaken worden ons op een visuele manier voorgeschoteld in taferelen op kaarten, met boeken, voorwerpen en maquettes.
Heel erg interessant voor wie een totaalbeeld van het eiland, dat zich zo onafhankelijk ontwikkeld heeft, wil krijgen.Op de Place Paoli staat het bronzen standbeeld van die Corsicaanse held. Tussen 1755 en 1769 leidde hij een regering die een onafhankelijk Corsica bestuurde. Corte was de hoofdstad.
In de buurt van de Chapelle Ste Croix is een fontein met een leeuwenkop. De Chapelle Ste Croix (16e eeuw), ziet er van buiten heel gewoon uit, maar binnenin is het een echte barokkapel, met een mooi retabel.