Waar de meeste kleinere steden in het Rijnland vooral heel 'gemütlich' zijn, onderscheidt de stad Wiesbaden zich juist door een statige, aristocratische uitstraling. Dat is te danken aan de 27 hete zoutbronnen die het al sinds mensenheugenis tot een befaamd kuuroord maken. Tot ver in de twintigste eeuw was het bezoek aan een kuuroord immers voorbehouden aan de rijken en zeer rijken der aarde en dat is te zien aan de badvoorzieningen in het kuurgedeelte (Kurviertel) van de stad. Prachtige badhuizen, een statig Kurhaus, de Brunnenkolonnade en het ruime Kurpark weerspiegelen de aristocratische smaak uit de tijd dat een klein clubje van hen de scepter zwaaide over dit continent. De meeste gebouwen kwamen tot stand in de vorige eeuw toen de prinsen van Nassau, die er hun residentie hadden, het centrum danig op de schop namen. De rijkelijke bewerkte bouwwerken in Kurviertel tonen hun verfijnde smaak, of hun pompeuze geldingsdrang: daarover zijn de meningen verdeeld.
De geschiedenis van Wiesbaden als kuuroord gaat echter veel verder terug. Al voor het begin van onze jaartelling maakten de Romeinen gebruik van de warmwaterbronnen in de nederzetting die ze Aqua Matticae noemden. Eeuwenlang bleef de stad onder Romeins bestuur en groeide uit tot een belangrijk bestuurscentrum. Na de val van het Romeinse Rijk kwamen de Franken. Zij doopten de stad om tot Wisibada, hetgeen zoiets betekent als weilandbron. In 1241 ging de stad deel uitmaken van het Duitse keizerrijk, maar luttele jaren later, in 1255 kwam hij in het bezit van de Graven van Nassau die van Wiesbaden hun hoofdstad zouden maken. De graven van Nassau bleven er de scepter zwaaien tot 1866 toen de stad overging in Pruisische handen. Niet veel later zou het deel gaan uitmaken van het gloednieuwe Duitse Rijk.
Tegenwoordig speelt Wiesbaden als hoofdstad van de Duitse deelstad Hessen nog altijd een belangrijke politieke en culturele rol in Duitsland. De 270.000 inwoners tellende stad kent een aantal belangrijke bedrijfstakken waaronder metaalverwerkende industrieën, maar ook uitgeverijen en drukkerijen. Wiesbaden is bovendien een belangrijk wijncentrum. De stad geldt als de thuisbasis van de Sekt (Duitse Champagne) terwijl de Rheingau Wijnweek die jaarlijks in Wiesbaden wordt gehouden, bekend staat als het grootste wijnfestival van Duitsland.
Het ruim opgezette stadscentrum met zijn parken en openbare gebouwen leent zich prima voor grootschalige bijeenkomsten. Dat heeft ertoe geleid dat Wiesbaden ook een populaire plaats is geworden voor nationale en internationale conferenties (per jaar meer dan 500!). De aanwezigheid van zoveel gasten geeft het stadscentrum ook buiten het toeristenseizoen een gezellige, kosmopolitische sfeer. Hoewel de lange historie van de stad buiten het Kurviertel niet veel tastbare monumenten heeft opgeleverd zorgen smaakvolle winkels, charmante arcades en ruime pleinen ervoor dat we ons hier niet gemakkelijk zullen vervelen.