...dan pakt uw campingvakantie goed uit!

De geschiedenis van La Rochelle


Al in de 12e eeuw werd La Rochelle een belangrijke havenplaats, zo belangrijk, dat Eléonora van Aquitaine haar in 1199 stadsrechten verleende, waarmee de stad zich kon bevrijden van de feodale voogdij. Burgemeester, schepenen en reders profiteerden veel van de twisten tussen Frankrijk en Engeland, en wisten daarmee de rijkdom en de privileges voor de stad te vergroten.

Deze onafhankelijkheid en het ontvangen van veel vloten in de haven waren er oorzaak van, dat La Rochelle ook zeer ontvankelijk was voor de ideeën van de Reformatie. Al voor 1540 waren er ondanks grote repressie veel aanhangers van het protestantse geloof in de stad woonachtig en dat leidde tussen 1562 en 1598 tot een bloedige strijd met de katholieken, waarbij onder meer priesters vanaf de Tour de la Lanterne in zee werden gegooid. In 1571 werd in de protestantse kerk, het vroegere augustijnenklooster, de geloofsbelijdenis van de protestantse kerken in Frankrijk bekrachtigd. Onder leiding van de hertog van Anjou (de latere koning Henri III) werd de stad vanaf 1573 belegerd, maar na zes maanden en 20.000 gesneuvelden aan de kant van de hertog, werd het beleg afgebroken.

Maar een halve eeuw later wedde La Rochelle toch op het verkeerde paard. De Engelsen hadden het Île de Ré veroverd. Aan de landzijde stond het Franse leger onder aanvoering van kardinaal Richelieu, die het opstandige en vrijmoedige gedrag van La Rochelle meer dan beu was. In het geheim hadden de Engelsen een bondgenootschap gesloten met Richelieu, en dat wisten de Rochelais niet. La Rochelle zat tussen twee vuren, maar, onder aanvoering van burgemeester Jean Guiton, werd het verzet opgenomen. De inwoners dachten nog dat het beleg net als vijftig jaar daarvoor wel zou verslappen, maar Richelieu liet een dijk in zee bouwen, zodat La Rochelle volledig werd geïsoleerd. Ook hierover lachten de Rochelais schamper, want zij waren ervan overtuigd dat de eerste flinke storm korte metten zou maken met dit bouwsel. Maar het bleek sterker dan de stormen (het werd later daarom als een 8e wereldwonder beschouwd), en La Rochelle werd uitgehongerd. Toen Richelieu na dertien maanden beleg de poorten kon binnengaan, vond hij overal lijken in de huizen. Van de 28.000 inwoners waren er nog slechts 5000 in leven.

La Rochelle verloor niet alleen veel van zijn inwoners, ook de privileges werden afgenomen, de verdedigingswerken werden ontmanteld, de handel was vernietigd. Pas in de 18e eeuw kwam de handel weer op gang dankzij de suiker uit de Antillen, de wijnhandel met Engeland en Nederland, de rederijen en het bont uit Canada.