...dan pakt uw campingvakantie goed uit!

De historie van Vézelay


Een Gallo-Romein met de naam Vercellus had hier een landgoed wat genoemd werd Vercellarum. Later werd dit Verzeliacum en tot slot verbasterd tot Verzelay.
Op dit landgoed aan de voet van de heuvel stichtten Girard de Roussillon, graaf van Bourgogne en Vienne en regent van de Provence, samen met zijn vrouw Berthe in 860 een zusterklooster. Dit klooster werd gesticht als herinnering aan hun enige zoon Thierry die overleed toen hij nog maar 1 jaar oud was.

In 873 werden de lekenzusters vervangen door benedictijner monniken. Kort hierna werd het klooster geplunderd en verwoest door de Noormannen. De gevluchte monniken bouwden een nieuw klooster op een veiligere plaats, namelijk boven op de heuvel. Dit klooster werd in 878 door paus Johannes VIII ingewijd.

Waarschijnlijk zou dit klooster nooit zo belangrijk zijn geworden, als niet in het begin van de 11e eeuw door een monnik Badilon uit Saint Maximin de vermoedelijke relikwieën van de heilige Maria Magdalena naar dit klooster werden gebracht.
Er ontstond een grote volksverering en al snel werd een grote kerk gebouwd die in 1104 werd ingewijd. In 1120 is er een grote brand waardoor het middenschip wordt verwoest. Echter al snel wordt de kerk in zijn oude glorie hersteld.

De kerk wordt een bedevaartsoord en een van de vier vertrekpunten voor de bedevaarten naar Santiago de Compostela. Intussen is het dorp Vézelay dan al gegroeid tot een stad met ca 15.000 inwoners.
In 1146 predikt St. Bernard de vroegere monnik van Cluny en dan abt van Clairvaux in aanwezigheid van koning Lodewijk VII er de tweede kruistocht. Ook de derde kruistocht in 1189 vertrekt van Vézelay. De twee legers van de Franse koning Philippe Auguste en de Engelse koning Richard Leeuwenhart ontmoeten elkaar hier. Franciscus van Assisi sticht er het eerste Franciscaner klooster in Frankrijk.

Kerk en stad worden rijker en rijker. En zoals in alle tijden zijn hebzucht en afgunst de bronnen die tot een onderlinge strijd leiden. Wie zal het meeste profiteren van de winsten van de pelgrimstochten? Tot slot van al het getwist wordt de gehele bevolking van Vézelay door de paus geëxcommuniceerd. Tot overmaat van ramp worden door Jean de Valois in St. Maximin (Provence) relikwieën gevonden die bij pauselijk decreet (paus Bonifatius VII) tot de enige echte van Maria Magdalena worden verklaard.

Deze klap komt Vézelay niet meer te boven. De stad is niet meer interessant voor de bedevaartgangers. De pelgrims kiezen nu voor het veel zuidelijker gelegen St. Maximin.
Het klooster wordt in 1538 geseculariseerd (zij wordt staatseigendom) en de kerk wordt parochiekerk. In 1557 wordt het klooster zelfs een verblijfplaats voor de calvinisten. In 1796 wordt tijdens de revolutie de abdij als staatseigendom verkocht en volledig afgebroken. De abdijkerk overleeft deze tragedie, maar is nu niet meer dan een grauwe klomp stenen met de vele sporen van verbouwingen en vernielingen.

Toen Proper Merimee, de inspecteur van historische gebouwen in 1835 naar Vézelay kwam stond de basiliek Sainte Madeleine op instorten. Het lukte hem om fondsen te verwerven voor wederopbouw. De beroemde architect Viollet-le Duc voltooide in 1859 de restauratie.

De kerk is nog steeds een prachtig voorbeeld van Romaanse bouwkunst. De wallen, de poorten en de rondweg van het middeleeuwse stadje zijn bewaard gebleven. Wanneer we via de hoofdstraat omhoog naar de basiliek lopen ziet u aan beide zijden huizen uit de 15e, 16e en 17e eeuw.

Vézelay is nu een klein stadje. Het is opnieuw een bedevaartsoord, maar dan van toeristen. Vooral in het hoogseizoen kan het hier druk zijn.