...dan pakt uw campingvakantie goed uit!

De oorsprong van cognac


Het is een formidabele drank, waarvan de oorsprong begon bij Julius Caesar. Toen deze in 52 voor onze jaartelling de Gallische held Vercingetorix versloeg, opende hij de weg voor zijn legers naar de Atlantische oceaan. Die Romeinse jongens waren toen al gek op wijn, dus zochten ze een plaats om de druivenstruiken, die zij altijd bij zich hadden, te planten.

Het gebied van de Charente was daarvoor erg geschikt. Toen zij ook nog het winnen van zout in de streek van Aunis ontwikkelden, ontstond in het gebied een zekere mate van handelsgeest en een heel snelle samensmelting van de Galliërs met de Romeinen.
Ook in latere eeuwen bleef die handelsgeest behouden, en de daaruit ontstane rijkdom maakte het mogelijk in deze streek zoveel mooie Romaanse kerkjes en kerken te bouwen.

Handel, in de zestiende eeuw vooral via de Nederlandse zeelieden, bracht aan het licht dat de wijn uit de Saintonge niet lang houdbaar bleek. De nieuwe druivensoorten die meer wijn (ietsje zuurder en van een wat lager alcoholpercentage) opbrachten, leden erg onder de lange zeereizen, en dus besloten de Hollanders deze wijn te distilleren bij aankomst in hun land. Dit 'eau de vie' dat gedronken werd met water, kreeg daar de naam 'brandewijn', door de Engelsen afgekort tot 'brandy'.

Door de godsdienstoorlogen evenwel werd de haven van La Rochelle afgesloten voor de export. De voorraden groeiden, zelfs in gedistilleerde toestand (30% alcohol). De wijnbouwers, geholpen door slimme handelaars, brandden hun eau de vie een tweede keer om de voorraden te verkleinen, maar nu was het product zo scherp, dat het (zelfs verdund) niet meer te drinken was. Maar gelukkig schiet het toeval te hulp. De eau de vie werd in vaten gestopt en bleef liggen.

Toen de vaten na enkele jaren geopend werden, bleek dat de inhoud veel beter was geworden en zelfs puur gedronken kon worden. Dat was een gevolg van de heilzame invloed van de tannines, die door het Limousine-eiken aan de drank afgegeven waren. De Hollanders, die vanwege hun band met en steun aan de Hugenoten uit de Charente (zij immers vochten hun 80-jarige oorlog ook tegen de katholieken) verkregen een monopolie voor de export. Het Hollands recht was zelfs van toepassing op de eerste distilleerderijen.

Later verkreeg deze manier van productie een eigen naam: 'l'eau de vie de Cognac'. Momenteel gaan de flessen onder die naam de hele wereld rond.