...dan pakt uw campingvakantie goed uit!

Het kasteel van Chambord


Bij het dorpje Chambord bevinden zich 2 grote parkeerplaatsen. Het kasteel is op loopafstand. Een park van meer dan 5300 ha, waarvan 1200 ha toegankelijk, omsluit het kasteel. Om het park is een muur gebouwd van 32 km.

Op 25 januari 1515 wordt Frans van Angouleme in Reims gekroond tot koning Frans I. Hij is dan 20 jaar oud en getrouwd met Claude, een dochter van de op 1 januari 1515 gestorven koning Lodewijk XII en Anna van Bretagne. Net als zijn schoonvader heeft Frans I grote belangstelling voor kunst en literatuur. Vooral Italië heeft zijn interesse. Hij verzamelt kunst en koopt van Leonardo da Vinci de Mona Lisa. Ook besluit Frans I dat er een kasteel ter zijner ere zal worden gebouwd. In 1519 kiest hij voor het gebied waar hij veel met Lodewijk XII gejaagd heeft, een zeer bosrijke streek ten zuiden van Blois. Een gedeelte van het land is reeds zijn eigendom, de rest koopt hij van de landbouwers.

In het midden van dit gebied staat een middeleeuws fort. De plaats heeft een Keltische naam, 'Cambo ritos' wat betekent: het wed in de kromming. Dit is dus een drinkplaats in een bocht van de rivier (namelijk de Cosson). De naam wordt later verbasterd in Chambord. Frans I heeft Leonardo da Vinci in 1516 een onderdak aangeboden in Clos Lucé, vlak bij het koninklijke kasteel van Amboise.

Onder de vele ontwerpen die Leonardo da Vinci tekent, bevindt zich o.a. een plattegrond van de donjon en een wenteltrap met 4 onafhankelijke leuningen. Beide ontwerpen worden verwerkt in de bouw van het kasteel. Op 2 mei 1519 overlijdt deze begaafde kunstenaar.
De koning geeft op 6 september van dit zelfde jaar opdracht voor de bouw van het kasteel. Oorspronkelijk volgens de tekening van de donjon, maar al snel besluit hij tot een uitbreiding met 2 vleugels, elk ook weer met 4 torens. De totale bouw wordt een geld verslindende operatie. Soms heeft de koning voldoende geld, maar dikwijls is de schatkist leeg. In 1522 is men nog steeds bezig met de sloop van de middeleeuwse burcht. In 1523 begint men dan met de fundatie. Slechts zelden heeft Frans I tijd om in Chambord te zijn. Oorlogen en politieke steekspelletjes vragen zijn aandacht. Ook wordt hij door zijn grote tegenstander in Europa Karel V twee jaar gevangen gehouden. In 1526 werken er 1800 werklieden op het bouwterrein en in 1535 is de donjon praktisch afgebouwd. Echter het paleis met zijn zijvleugels is nog niet af als in 1545 Frans I overlijdt. De koning heeft in al die jaren slechts 42 dagen in het paleis doorgebracht
Zijn opvolgers Hendrik II, Frans II etc. zijn veel minder geïnteresseerd in de bouw.
De Zonnekoning
In 1664 besluit Lodewijk XIV (de zonnekoning) dat Chambord zijn thuis zal worden. De bouwwerkzaamheden beginnen dus weer en er komt ook meer aandacht voor luxe. In sommige vertrekken worden parketvloeren gelegd en kostbare houten lambriseringen gemonteerd.
Helaas, in september 1685 is de schatkist leeg. De koning brengt een laatste bezoek aan het paleis, stopt de bouw en vertrekt naar Versailles.
Het kasteel Chambord krijgt in de loop der tijd nog vele bewoners en ondergaat vele verbouwingen. In 1792 is er dan de revolutie en op 20 november wordt besloten het kasteel te slopen. Het meubilair wordt verkocht. Een grote plundering begint, zelfs het lood wordt van de daken gehaald en de kostbare houten lambrisering verdwijnt voor een groot gedeelte op de brandstapel. En dan is de razernij uitgewoed.
In 1793 wordt het kasteel een veestal en in 1794 een fabriek waarin 150 mensen buskruit en andere springstoffen fabriceren. De vensters worden gesloopt en samen met de resterende houten lambrisering opgestookt in de kachels.
Op 15 augustus 1809 besluit Napoleon dat het landgoed Chambord, het vorstendom Wagram wordt. De nieuwe bewoner is Louis Alexander Berthier.
In 1816 wordt Frankrijk een koninkrijk en Lodewijk XVIII geeft op 19 september 1819 i.v.m. geldgebrek toestemming het kasteel te slopen, zodat de bouwmaterialen elders kunnen worden gebruikt.
Echter op 5 maart 1821 lukt het Adrien de Calonne het kasteel te kopen. Hij redt hiermee Chambord van de ondergang. Er wordt weer gestart met restauratiewerkzaamheden. Het kasteel kent weer vele bewoners en wordt uiteindelijk in 1930 staatseigendom. Met de nodige onderbrekingen vinden er opnieuw restauraties plaats en in 1939 wordt het geopend voor het publiek. Na de 2e wereldoorlog gaan de restauratiewerkzaamheden door.

Wanneer u nu het kasteel bezoekt zult u er vele lege kamers aantreffen. Toch krijgt u een goed inzicht in de bouw. Let vooral eens op de bouwkundige details, zoals de koninklijke salamander (het embleem van Frans I) of de met leliën versierde koninklijke F, de knoop van Savooie en de keizerskroon. Verder de prachtige dubbele wenteltrap. U kunt vrij ronddwalen, zelfs op het dak met zijn vele terrassen, een woud van koepels en honderden schoorstenen.