
DE METRO
Op 14 juli 1900 werd de eerste lijn aangelegd voor de wereldtentoonstelling. Deze lijn draagt nog altijd nummer 1 en loopt tussen porte Maillot en Vincennes. Voordien waren reeds de metro's van Londen in 1863, New York in 1868 en Boedapest in 1896 aangelegd.
In 1910 waren er al 10 lijnen in Parijs. In 2000 werden er per dag 4,5 miljoen passagiers vervoerd, 8 miljoen met bus en RER erbij.
Er wordt steeds verder gemoderniseerd. Lijn 14 bijvoorbeeld, naar de nieuwe bibliotheek heeft geen bestuurder meer. Er zijn nu 14 lijnen, die ondergronds min of meer het stratenplan volgen. Zo hoefde men niet onder particuliere eigendommen te graven.
Er zijn nu 368 stations. De treinen rijden van vroeg tot laat.
De ingangen van de metro zijn ook beroemd. Van de originele art nouveau-ingangen van Guimard zijn er nog twee over. Het gaat om Abbesses, lijn 12 en Porte Dauphine, eindpunt lijn 2. Er zijn ook 3 tramlijnen. De laatste werd in oktober 2006 in gebruik genomen.
DE RER: RESEAU EXPRESS REGIONAL
De RER verbindt het centrum met de buitenwijken van Parijs.
Zo ook Maisons-Laffitte, waar onze camping ligt (op lijn A van Cergy of Poissy naar Marne-la-Vallée of Boissy-Saint-Léger). De eerste RER-lijn werd geopend in 1969.
Nu zijn er 5 lijnen waarvan 3 het centraal gelegen station Châtelet-Les Halles aandoen.
DE BUSSEN
De 59 buslijnen vormen een aanvulling op het metronet.
Bepaalde lijnen komen ook langs de monumenten en de grote blikvangers van de stad, in het bijzonder de lijnen 21, 27, 73 en 92. Sommige bussen rijden ook 's nachts. De bussen worden 'noctambus' genoemd.