
Gebouwd in 1656 door Pierre Aubert, die de zoutbelasting inde. Vandaar de naam Salé. Omdat de belasting door de Parijzenaars zo gehaat werd is ‘salé’ ook synoniem geworden voor ‘peperduur’.
In het hotel was ooit de ambassade van Venetië en de woning van de aartsbisschop (die de naakte beelden liet bedekken).
In 1962 werd het door de stad gekocht. Na restauratie in het begin van de jaren 1980 werd het gebouw het ‘musée Picasso’.
Picasso stierf in 1973 op 92-jarige leeftijd.
De erven van de beroemde kunstenaar hadden hun belasting op hun erfenis immers in natura, met schilderijen, betaald, wat kon dankzij een slimme wet van de Franse minister van cultuur, André Malraux. Zij hadden daar echter als voorwaarde aan gekoppeld dat de Franse staat de werken tentoon zou stellen.
Het hôtel werd zo het Musée Picasso.
De collectie omvat in totaal meer dan 4000 kunstwerken.