
Al in 1861 zijn er in de omgeving van Vergina opgravingen gedaan o.a. door de Franse archeoloog L. Heuzey.
Het gebied leek voor opgravingen belangrijk, omdat overal grote en kleine grafheuvels (Tumuli) waren en ook vele familiegraven uit circa 700 v. Chr. Deze laatste waren echter meestal leeggeroofd. Tijdens deze opgravingen werden delen van een paleis gevonden. Hierna zijn geen opgravingen meer gedaan tot in 1938 archeologen van de universiteit van Thessaloniki onder leiding van professor Romaios opnieuw het terrein onderzochten. Helaas werden in de periode ervoor brokstukken van de opgravingen gebruikt door lokale bewoners om hun huizen te bouwen.
Het was dus moeilijk om precies vast te stellen hoe de gebouwen er hadden uit gezien. Uiteindelijk stelde men vast dat het paleis 104,5m lang en 88,5m breed was geweest. Op sommige plaatsen had het een verdieping. De belangrijkste ruimte was waarschijnlijk de ronde ruimte (Tholos) links van de ingang. Men vond op de vloer de inscriptie: 'Aan Hercules de grondlegger van ons ras'. Vermoedelijk was dit de troonzaal.
Ook werden op circa 60m van het paleis resten gevonden van een theater.
Nu over de belangrijkste ontdekking in dit gebied. Men zegt zelfs de belangrijkste ontdekking na het vinden van de koningsgraven te Mycene door Schliemann.
Ten westen van de begraafplaats met de vele tumuli was een enorme heuvel met een doorsnede van circa 110m en 12m hoog. Na wat graven werden hier honderden kapotte grafstenen (zgn. stelae) gevonden.
Toen professor Andronikos met zijn collega's in de herfst van 1977 verder liet graven ontdekten zij dieper onder de grond 3 tombes en een klein gebouwtje. Voorzichtig maakte men een gat in het dak van de grootste tombe en zag dat het graf nog in originele staat was.
Op 8 november 1977 werd de grootste tombe geopend en ontdekte men het volkomen ongeschonden graf van een man, waarvan de resten na verbranding in een purperen kleed waren gewikkeld en geplaatst in een gouden kistje. Boven op het kistje de zestienpuntige zon of ster van Macedonia!
Boven op de resten lag een prachtige gouden hoofdtooi van eikenbladeren en eikels. Zorgvuldig onderzoek toonde aan dat de resten van een man van 40 à 50 jaar oud waren. Hij had een kreupel been met beschadigd kniegewricht en zijn rechter oogkas was beschadigd. Bovendien vond men bij het kistje uit ivoor gesneden hoofdjes van Philippos II, zijn vrouw Olympios en zijn zoon Alexander III. Men had het graf ontdekt van Philippos II.
Alhoewel de hoofdstad van het Macedonische rijk in de 4e eeuw v. Chr. verplaatst werd naar Pella, bleef Aegae de heilige stad van de Macedoniërs. Hier vonden alle feesten en ceremoniën plaats.
Tijdens de periode van Alexander I (495-452 v. Chr.) en Archelaos (413-399 v. Chr) was Aegae nog wel de hoofdstad van het rijk en een centrum van literatuur en kunst.
In september 336 v. Chr werd Philippos II hier in het theater vermoord en Alexander III (336-323 v. Chr) tot koning gekroond.
De archeologische opgravingen begonnen, zoals we hiervoor al omschreven, in de tweede helft van de 19e eeuw en vinden nog steeds plaats.
Men heeft inmiddels de resten gevonden van het theater, het paleis, een monumentale ingang van een heiligdom, een tempel gewijd aan Herakles Patroos, ontvangstkamers met mozaïeken vloeren etc. De meeste gebouwen zijn vermoedelijk uit de 4e eeuw v. Chr. Uit de regeringsperiode van Philippos II is waarschijnlijk een heiligdom van Eukleia bestaande uit twee tempels.
Daarnaast zijn er uit de periode 5e eeuw v. Chr. tot 1e eeuw na Chr. nog resten van openbare gebouwen gevonden. Het opgravingterrein aan de noordkant van de stad was waarschijnlijk bewoond van 1100 v. Chr. tot in de Romeinse periode. Behalve de reeds genoemde bouwwerken zijn hier 10 koninklijke graftombes opgegraven. O.a. de tombe van de moeder van Philippos II namelijk koningin Euridike met een prachtig versierde marmeren troon en de graftombe van Philippos II gelukkig ongeschonden met schitterende gouden en bronzen voorwerpen. Ook werden er de resten gevonden van schilderkunst, de eerste in zijn soort, die veel inzicht geven in de Griekse schilderkunst van die tijd.
Vergina is zonder twijfel dezelfde plaats als de oude Macedonische hoofdstad Aigai. Op de plaats van de grote tumulus hebben de Grieken een prachtig museum gebouwd in de vorm van deze tumulus. De tomben die hier gevonden zijn maken nu deel uit van het interieur van het museum waar bovendien de prachtige vondsten te zien zijn uit deze graven. Met behulp van maquettes en tekeningen geeft men extra toelichtingen bij de vondsten.