
De bloei van Burano begon in de 16e eeuw toen het het centrum van de kantproductie werd. Kant werd een modeartikel en symbool voor een hoge sociale status. De geraffineerde producten van Burano werden steeds geliefder bij vorsten, edelen en rijke burgers in heel Europa.
Maar in de 17e eeuw begon men elders het kantwerk te imiteren, vooral in Frankrijk. En geleidelijk namen de Fransen het heft in handen. Ze haalden kantwerksters uit Italië en België en ontwikkelden een kanttechniek waarbij de motieven steeds luchtiger en soepeler werden.
Door deze concurrentie en de val van de republiek Venetië stierf het ambacht op Burano praktisch uit.
Eerst op het eind van de 19e eeuw kwam Burano weer op, doordat Gravin Marcello in 1872 een kantwerkschool, de Secola dei Merletti, oprichtte. Men ging daarbij over tot een meer 'commerciële productie', dus een productie van een wat mindere kwaliteit.
Tegenwoordig is de echte kant van Burano een luxe. De laatste kantwerksters die nog volgens de oude traditie werken, denken dat hun kunst met hen zal sterven.
In het kantmuseum zijn de ontwikkelingen van drie eeuwen kantproductie aanschouwelijk gemaakt en 68000 modellen te zien. Alleen de 20e eeuwse modellen zijn afkomstig van het eiland zelf.