...dan pakt uw campingvakantie goed uit!

Het plein bij de Santa Croce in Firenze

In de 14e en de 15e eeuw was de wijk rond de beroemde kerk van de franciscanen, Santa Croce, een arbeidersbuurt, die bewoond werd door wolbewerkers en ververs.

De rode en purperen kleuren die Firenze betrok uit oosterse landen, waren zo beroemd dat vanuit Frankrijk en Vlaanderen stoffen werden aangevoerd om bewerkt te worden.

Hoewel de rijkdom van de stad op hun arbeid berustte, leidden de wolbewerkers en de ververs een schamel bestaan. Ze waren overgeleverd aan de machtige gilden van handelaars en bankiers en konden zich pas later verenigen.
Geen wonder dat de bedelorde van de franciscanen zich in deze sloppenwijk kwam vestigen. De beruchte donderpreken op het plein oefenden een wonderlijke aantrekkingskracht uit. Ketterse boeken, schilderijen, pruiken en spiegels werden verbrand. Het arme volk voelde zich gesterkt door de gedachte dat alle mensen gelijk waren en dat armoede een eervolle status was. Vooral Bernardus van Siena zorgde voor een enorme toeloop.

Later kreeg het plein een vrolijker functie. De Medici organiseerden er toernooien en steekspelen, gevechten met wilde dieren en een speciaal soort balspel.

Toen de stad in 1530 door keizer Karel zwaar belegerd werd, provoceerden de voetballers door gewoon door te spelen alsof er niets aan de hand was. Het beleg duurde 10 maanden en kostte het leven aan 30.000 Florentijnen.

Dit dramatische gebeuren wordt jaarlijks in juni herdacht met de 'calcio storico', een toernooi tussen de vier middeleeuwse wijken. Teams van 27 man in kleurig kostuum nemen het tegen elkaar op in wat we een mengeling zouden kunnen noemen tussen voetbal en rugby. De overwinnaars krijgen een wit kalf en de sportieve strijd wordt afgesloten met een processie van 500 figuranten en een vuurwerk.