
Rattenberg is Tirools kleinste stadje, eens beroemd door de zilvermijnen. De stad lijkt onveranderd sinds de Middeleeuwen. Bekendste bouwwerken zijn de Burgruïne, de Servietenkerk met klooster en de parochiekerk St. Vigil. De meeste bekendheid geniet het stadje door de glasslijpkunst.
Het stadje bevindt zich op een punt waar het Inntal zo smal is, dat je bijna van een kloof kunt spreken. Het is niet moeilijk om je het strategische belang van Rattenberg in de Middeleeuwen voor te stellen. Wie het in Rattenberg voor het zeggen had, controleerde het handelsverkeer in de vallei en kon door middel van tolgelden en heffingen een aardig centje bijverdienen. Dat Rattenberg desondanks niet is uitgegroeid tot een grotere stad is te wijten aan dezelfde strategische ligging in een smalle pas: de ruimte ontbreekt eenvoudigweg.
Rattenberg noemt zich graag de oudste stad van Oostenrijk sinds in 1927 twee meter onder het wegdek resten van een zeer oude vesting werden gevonden.

Door de oude stadspoort komt men in de Südtiroler Strasse: de prachtige hoofdstraat met een leuke fontein van een meisje met sikkel en korenschoof.
Interessant zijn verder de Hassauerstrasse, de Inngasse, de Sparkassenplatz en de Klostergasse.

De 15e eeuwse kloosterkerk, de Servitenkirche, is in Lombardische barokstijl gebouwd. De tweeschepige en tweekorige laatgotische hallenkerk, de St. Vigilkerk, uit 1507, dankt haar bijzondere vorm aan de vroeger gebruikelijke scheiding tussen burgers en mijnwerkers.

De vestingruïnes boven de stad zijn een trieste herinnering aan Wilhelm Biener, kanselier van Tirol in de 17e eeuw, die slachtoffer werd van een politieke intrige en hier in 1651 werd geëxecuteerd. Zijn vrouw, bekend onder de naam 'Bienerweibl' schijnt er nog steeds te spoken.