
Een bezoek aan Aranjuez is een geliefkoosd uitje: wat wandelen, wat picknicken.
Aranjuez was nooit bestuurscentrum; hoe enorm ook, het was een buitenverblijf waar de koninklijke familie zichzelf kon zijn, een zomerverblijf waar men de hitte draaglijk kon maken.
Dit paleis is van de architecten Juan Bautista de Toledo en zijn opvolger Juan de Herrera. Dit zomerpaleis doet heel gemoedelijk aan door de brede, lage lijn die speels wordt gemaakt door de keuze van kozijnen, balustraden, reliëfs en pilaren en die vrolijk aandoet door de roze baksteen en de witte lijsten.
De ernstige 'Grote Geschiedenis' is hier niet zo sterk aanwezig en een brede, historische toelichting is dan ook niet nodig. De personen wier namen het meest aan dit paleis zijn gebonden hebben niet de indrukwekkendste rol in de Spaanse geschiedenis gespeeld. En dat geldt dan met name voor Carlos IV. Hij verbond zijn naam aan het paleis door de aanleg van de schitterende Jardín (tuin) del Príncipe en hij bouwde ook het Casa del Labrador, inderdaad 'De Boerderij', maar dan wel een fraai optrekje met veel kamers die een decoratieve zijden wandbekleding hebben, waar prachtige meubels staan en kostbaar rococoporselein.
Onder de regering van deze koning, wiens pro-Franse premier, Godoy, de minnaar was van de koningin, is het paleis bestormd door de aanhangers van kroonprins Fernando. Daarna begon de volksopstand tegen de Fransen (Napoleon), gevolgd door de Onafhankelijkheidsoorlog.
Goya heeft een beroemd schilderij gemaakt van de fusillade van de opstandelingen in Madrid. En hij schilderde óók Carlos en zijn vrouw te paard en het bekende, bijna satirische portret van de koninklijke familie.
Aan dit paleis werd meer dan tweehonderd jaar gebouwd en het brandde meerdere malen af. Binnenin heerst de bekende, overigens niet al te kunstzinnige, luxe.
Veel fraaier in dit opzicht is het al genoemde Casa del Labrador. De tuinen, díe zijn bijzonder. Musici (Joaquin Rodrigo) en schilders (Santiago Rusiñol) hebben er inspiratie gevonden. En het is er nog steeds heerlijk wandelen door de grote lanen, onder de machtige bomen, langs vijvers met fantasierijke fonteinen, tussen alle bovenmenselijke wezens van de Griekse mythologie.