
De populariteit van haar wijn bezorgde Málaga haar rijkdom en faam in het 19e-eeuwse Europa. De energieke havenstad wier geschiedenis teruggaat tot de tijd van de Phoeniciers en die toen al tot de grootste twee steden van Andalusië behoorde, moest lijdzaam toezien hoe in 1876 een boomziekte haar wijngaarden volledig verwoestte.
De voornaamste bezienswaardigheden van Málaga zijn zonder meer het Museo Arqueológico en het moorse Alcazaba (kasteel binnen de stadsmuren) met het deels uitgegraven Romeinse amfitheater.
Ten noordoosten van Málaga ligt het heuvelachtige Parque Natural de los Montes de Málaga waar wandelaars volop van het natuurschoon kunnen genieten.