...dan pakt uw campingvakantie goed uit!

El Real Monasterio de El Escorial


Philips' opdracht aan zijn architect Herrera was een opdracht die als volgt luidde: 'Vergeet bovenal niet wat ik u heb gezegd; eenvoud in de opbouw, noblesse zonder arrogantie, majesteit zonder praalzucht'.
Vijfentwintig jaar later stond er in El Escorial, een naam die zo ongeveer de klank heeft van 'vuilnisbelt', een enorm bouwsel, dat klooster, paleis en mausoleum tegelijk was.

Voor de één geldt het als een achtste wereldwonder, voor een ander is het een architectonische nachtmerrie. De grijze granieten stenen drukken sombere kracht uit, de rechte lijnen weerspiegelen 's konings bijna religieuze eerbied voor orde en symmetrie, de enorme kerk in het midden belijdt nadrukkelijk zijn overtuiging dat alle politiek ondergeschikt moet zijn aan religieuze overweging en al het materiële aan de geest... Het hele complex is welhaast een biografie van een somber en wantrouwig man die tijdens zijn leven geen biografieën duldde.

Alle reisboeken geven getallen om de immensiteit van het gebouw tot de verbeelding te laten spreken. Hier zijn er een aantal: de maten van het grondoppervlak zijn 161 x 204 meter; het gebouw bevat 1200 deuren, 2000 ramen en 86 trappen; er zijn 16 binnenhoven, 12 kruisgangen, 88 fonteinen, 13 kapellen énzovoort, énzovoort.

Maar die enormiteit en die veelheid doen niets af aan de oorspronkelijk geplande, verbijsterende soberheid en welhaast soldateske strengheid. Telkens slaan die op je neer, bijvoorbeeld als je voor de voorgevel staat en als je de Patio de los Reyes betreedt en... zelfs in het Panteón, waar koningen en prinsen hun laatste rustplaats hebben.

Maar het meest opvallend zijn de koninklijke vertrekken: stenen en houten vloeren in heel bescheiden verblijven en een kaal slaapvertrek met uitzicht op het altaar in de kerk.

De opvolgers van Philips, de Frans georiënteerde Bourbons, hebben hun best gedaan de strenge woonruimtes van de Habsburgers te veranderen in elegante verblijven naar Franse smaak. De houten en stenen vloeren worden dan van marmer, de kamers worden versierd met schitterende Engelse wandkleden, met kristallen kandelaars en prachtige uurwerken.

Enormiteit, soberheid èn praalzucht, het zijn verwarrende indrukken die elke bezoeker ondergaat. Maar de geschiedenis spreekt overal een duidelijke taal.
Die hoort u in de Sala de las Batallas met de schitterende, welhaast vrolijke fresco's van gewonnen veldslagen, maar ook in de reeds genoemde vertrekken van Philips en zijn dochter die hem verzorgde en in het Panteón. Daar hebben bijna alle koningen hun tombe, en ook alle koninginnen die een troonopvolger ter wereld hebben gebracht.
De andere koninginnen liggen, net als de prinsen en prinsessen, in een ander 19e eeuws pantheon!

Als u daar bent, ziet u, wat apart staande, een tombe met een knappe mannenfiguur erop; dat is Don Juan, de held van de slag tegen de Turken bij Lepanto.
De geschiedenis spreekt verder in de zaal met de portretten, in de troonzaal en in de bibliotheek, de grootste verzameling van codices na die van het Vaticaan.

Een echte schoonheid kent dit kloosterpaleis ook wel degelijk: de schoonheid van de schilderijen in de zomerverblijven, de kostbaarheden in de kerk en in de sacristie énzovoort, énzovoort.