...dan pakt uw campingvakantie goed uit!

De Praagse Karelsbrug (Karlov Most)

Deze brug is vernoemd naar keizer Karel IV.
Terecht, want hij was de opdrachtgever tot de bouw van de brug, die dus evenals Karel herinnert aan de 14e-eeuwse bloeitijd van Praag. Zij vormt nog altijd een verbinding tussen de Staré Mesto (Oude Stad) en de Malá Strana (Kleine Zijde).
Ook was zij onderdeel van de Koningsweg, die van de Koningshof bij de Kruittoren via het Oude Stadsplein en de straat Karlova over de Moldau naar de hoger gelegen Burcht Hradcany voerde.

Peter Parler ontwierp de brug (1357) en deze is ± 520 meter lang, 10 meter breed en zij rust op 16 pijlers. Zij moest de in 1342 weggespoelde Judithbrug vervangen. Ook nu nog kan het kruiende ijs een gevaar vormen, hetgeen blijkt uit houten stellages, die nu de pijlers moeten beschermen.
De 30 beeldhouwwerken die de brug sieren, zijn voornamelijk aangebracht in het begin van de 18e eeuw. Het oudste is echter uit 1657, t.w. een bronzen kruisbeeld, dat in de vorige eeuw van beelden ter weerszijden werd voorzien (vanaf de Oude Stad 3e van rechts). Het 8e beeld van rechts stelt de H. Johannes van Nepomuk voor en het staat precies op de plaats, waar deze martelaar in 1393 op last van koning Wenceslas IV geketend in de Moldau werd geworpen, omdat hij het biechtgeheim van 's konings echtgenote niet wilde schenden. Zo luidt althans het volksverhaal.
In werkelijkheid schijnt hij gestraft te zijn voor het feit, dat hij zijn meester, de aartsbisschop van Praag meer gehoorzaamde dan de koning. De meeste figuren in deze barokke beeldengalerij zijn heiligen, wat niet wegneemt, dat de wrede Turk (14e beeld links) ook veel bekijks heeft.
Vele beelden zijn inmiddels door kopieën vervangen.

In de bewogen historie van Praag speelt de brug een grote rol: b.v. in 1648 toen de Zweden hier door de Pragers werden weerstaan, en in 1848 toen opstandige Praagse burgers tegen de Oostenrijkse onderdrukkers streden d.m.v. barricaden op de brug.

Tegenwoordig is zij voorbehouden aan voetgangers en dit leidt vooral in het toeristenseizoen tot een grote drukte, waarbij allerlei neringdoenden en straatartiesten u van dienst zijn.
Om in tijden van gevaar de brug te kunnen afsluiten waren de bruggentorens aan beide uiteinden. Peter Parler bouwde op het einde van de 14e eeuw de Oude Stadsbrugtorens.

Aan de kant van de Oude Stad is de toren boven de doorgang versierd met de wapens van de landen waarover Karel IV regeerde, terwijl op de eerste verdieping deze vorst en zijn voorganger Wenceslas IV staan afgebeeld.
Onder de doorgang zou Parler voor het eerst het door hem uitgevonden netgewelf hebben geconstrueerd.
Aan de kant van de Malá Strana staan feitelijk 2 torens. De kleinste vormde een onderdeel van de versterkingen aan de Judithbrug en is al uit de 12e eeuw. De grootste is uit de late 15e eeuw en tussen de twee in bevindt zich de oude stadspoort van de Malá Strana. Deze poort is getooid met de wapenschilden van de aan Wenceslas IV ondergeschikte landen.