Gunstig gelegen op beboste hellingen aan de zuidvoet van het Keizerswoud heeft Marianské Lázne een gunstig klimaat, zodat het jaarlijks naast de eigen 14.000 inwoners eenzelfde aantal kuurgasten mag begroeten. Al sinds 1341 was het bronwater ter plaatse in gebruik bij monniken uit Tepla. In de volgende eeuwen plachten zij het bronwater te leveren aan grote steden en om de transportkosten te drukken wisten zij in de 18e eeuw het bronwater in te dampen tot het zogenaamde Teplerzout. Josef Nehr, arts van het klooster, liet in 1791 naast de kruisbron een uiterst eenvoudig houten badpaviljoen bouwen en daarmee gaf hij de stoot tot het vestigen van een zeer geliefd kuuroord, dat sinds 1818 ook de keizerlijke familie onder haar clientčle mocht rekenen.
Het bronwater wordt zowel gedronken als voor bad- of modderkuren gebruikt. Mensen met moeilijkheden bij de stofwisseling of de urine- of luchtwegen zouden verlichting ondervinden. Zenuw- en huidziekten kunnen hier ook bestreden worden. Ook de fraaie omgeving, die noodt tot wandelen bijvoorbeeld kan tot het algemene welbevinden bijdragen.
Evenals in andere kuuroorden worden vele culturele en sportevenementen georganiseerd, in de zomer ook in de open lucht. De stad telt diverse theater- en concertzalen.
Het centrum van Marianské Lázne wordt gevormd door het schitterende Václava Salníkapark. De noordoostzijde van het park wordt gevormd door de Jos Hakenastraat, met de in Secessionstijl uitgevoerde gietijzeren colonnade uit 1889. In deze colonnade bevinden zich onder andere de Kruis- en Carolinabron. Op het ervoor liggende, ruime plein is een fontein te aanschouwen, die elk oneven uur op de maat van klassieke muziek, laat zien waartoe zij in staat is. Aan het marktplein bevindt zich de Maria-Hemelvaartkerk en hier vlakbij het Stedelijk museum. Ook de orthodoxe Sint Vladimirkerk is, vanwege zijn vele iconen een bezoek waard.